Beneficiaalboeken 1543

Merk 4
8711 CL Workum
tel. 0515 - 54 12 31










Hoe't it lân der yn 1543 hinne lei...
Dr. J.D.Th. Wassenaar

foto Omrop Fryslân, Alle Faber

Op 18 oktober jl. verscheen een nieuwe editie van de zogenaamde ‘Beneficiaalboeken’ van Friesland. Deze uit 1543 daterende boeken omvatten registers met gedetailleerde informatie over de grootte, de waarde, de naastliggers en de jaarlijkse opbrengst van het geestelijk goed en van het vermogen van de Friese parochiekerken, van haar bedienaars en alle andere geestelijke instellingen, van priesters en clerici die aan die kerken waren verbonden. Ze zijn voor ongeveer driekwart van de Friese steden en dorpen bewaard gebleven. Helaas: van Workum is geen opgave bekend. Mogelijk is die destijds wel gedaan, maar is het register zoekgeraakt. Dat moet dan een stuk zijn dat wel bij de grietman bezorgd is, maar nooit de Kanselarij in Leeuwarden bereikt heeft.


Kerkelijke administratie

De ‘Beneficaalboeken’ werden opgemaakt op bevel van de landvoogdes koningin Maria van Hongarije, die toen in Brussel resideerde. Ze wilde een idee krijgen of de kerkelijke administratie in Friesland goed op orde was en of er geen geld over de balk werd gesmeten.

In 1850 is een foliant-uitgave van de ‘Beneficiaalboeken’ verschenen, waar generaties Friese geleerden mee hebben gewerkt. Er was echter een grote behoefte aan een nieuwe editie, niet zozeer omdat de oude reeds lang niet meer te verkrijgen is – want die kan nog wel in bibliotheken worden geraadpleegd – maar om een betere tekst voorhanden te hebben, die ook digitaal kan worden doorzocht. De nieuwe editie in boekvorm bevat daarom ook een cd-rom met een integrale opname van de tekstbestanden.

De ‘Beneficiaalboeken’ van Friesland zijn unieke bronnen, omdat ze voor geen enkel ander gewest in de Nederlanden zijn opgemaakt en er voor andere provincies ook geen vergelijkbare inventarissen bestaan. Zij bevatten een schat aan namen, landprijzen, gegevens over priesters, altaren, patroonheiligen en andere informatie over de toen nog volledig intacte
organisatie van de Katholieke Kerk.


'Kerkbalans' in Koudum

Registers zijn in het algemeen niet de boeiendste kost om te lezen. Dat geldt ook voor de ‘Beneficiaalboeken’. Zo’n bronnenboek is meer bedoeld voor onderzoek. Maar wie in De Beneficiaalboeken van Friesland, 1543 grasduint, komt toch wel interessante dingen tegen. Ik noem twee voorbeelden:

In de opgave van Teroele wordt gewag gemaakt van de vorige pastoor, ‘her Heere Douwe zoon’, ‘nuu ter tyt pastoor te Schettens’. Van hem wordt gezegd: ‘seer ontsteken wesende met quaeden secten’, waarmee een hervormingsgezinde houding bedoeld zou kunnen zijn. Wat was het geval? Hij had ‘die gemeynte’ geleerd dat ze bepaalde afdrachten niet behoefde te doen. Gevolg: ‘dat men noch te Paesschen noch op geen hoochtyt des jaers noch over gheen dooden ten offer gaet alst tevooren in dese kercke ende noch in alle andere kercken een guede gewoonte en is.’ De financiële positie van ‘die pastorie’ was dan ook ‘deur quade instructien van her Heere’ verslechterd.

Het andere voorbeeld komt uit de uitvoerige opgave van Koudum. Ik citeer: ‘Elcke hoechtydt is elke byarige mens, dats daer Heylige Sacrament ontfanghen heeft, schuldich nae olde gewoente een scheysken te offeren.’ De bejaarden moesten dus op kerkelijke hoogtijdagen, en wel ‘thoe Paestre, thoe Pinxter, Assumptionis Marie (= Maria Tenhemelopneming) ende thoe Karstydt’, een kleine zilveren munt betalen. Daarnaast waren er in Koudum vier zogenaamde ‘broodtijden’, ‘dats Aldersielendach, Guede Maendach (dats die maendach nae die Octave van Pinxteren), Witte Dondersdach ende Sinte Michiels dach’. Dan moest elke ‘pastorale eenheid’ – om hedendaags jargon te gebruiken – een brood van ongeveer negen pond en een half stuk boter of tenminste een stuiver aan geld afdragen, ‘die schamele een half stuver off zij biddent om Goids wille van die priesteren.’ De armen behoefden dus minder te betalen, als ze een verzoek daartoe bij de priesters indienden.


Monnikenwerk

De editie van de ‘Beneficiaalboeken’ is verzorgd door drs. Peter van der Meer en prof.dr. Hans Mol van de Fryske Akademy. De uitgave is voorzien van een lange inleiding. Daarin beantwoorden Van der Meer en Mol de vraag ‘Waarom werden de registers vervaardigd?’ en besteden ze aandacht aan de weerstand tegen de inventarisatie en aan de uitvoering ervan. Vervolgens geven ze een beschrijving van de bron en vertellen ze over de editiegeschiedenis. Uiteraard gaan ze ook in op de inhoud van de boeken, onderverdeeld in (1) de registratie van vaste goederen en inkomsten en (2) de opgave van wisselende inkomsten voor de zielzorgers. Ze sluiten af met een ‘Verantwoording’. Daarnaast zijn er nog ‘Bijlagen’ in het boek opgenomen met een literatuurlijst, een glossarium of woordenlijst en een lijst van de in de tekst voorkomende muntsoorten en hun globale waarde.

De Beneficiaalboeken van Friesland, 1543 is een monumentale uitgave, waarvoor de heren Van der Meer en Mol alle lof toekomt. Zij hebben monnikenwerk verricht door de tekst van de vaak moeilijk te lezen registers uit te typen en na te lopen. Daar komt nog bij dat zij er een uitstekende inleiding bij geschreven hebben.

Het ca. 1070 pagina’s omvattende en van een linnen band voorziene boek met cd-rom is uitgebracht door de Afûk te Leeuwarden. De verkoopprijs bedraagt 75,00. Bestellen is mogelijk via: ynfo@afuk.nl.